Terug naar hoofdinhoud
De vereniging

Geschiedenis

Een eigen geluid, al bijna honderd jaar

Sommige verenigingen ontstaan rustig. Harmonie St. Caecilia niet.

Ons verhaal begint in 1926 met een meningsverschil, een groep muzikanten die haar eigen weg ging en een repetitieruimte die niet eens officieel gebruikt mocht worden. Wat volgde was een geschiedenis vol muziek, maar ook vol eigenzinnigheid, doorzettingsvermogen, humor en de nodige strijd. Precies die eigenschappen hebben St. Caecilia gevormd tot de vereniging die ze vandaag is.

Het begint met een piano

Best had in 1926 al een muziekvereniging: De Eendracht. Meester Hiddink leidde daar nieuwe muzikanten op. Toen het bestuur van De Eendracht besloot een piano aan te schaffen voor maar liefst 1000 gulden, was Hiddink het daar absoluut niet mee eens. Zo sterk zelfs, dat hij de vereniging verliet. Een aantal van de muzikanten die hij had opgeleid, vertrok met hem mee. En daarmee was, zonder dat iemand het op dat moment kon voorzien, de kiem voor een nieuwe harmonie gelegd.

De groep bleef samen muziek maken en vond een plek om te repeteren in een schuur. Dat leverde natuurlijk de nodige plagerijen op. Binnen de groep deed al snel een versje de ronde:

Ze zitten in een stal,
Het zijn er een twintigtal,
Ze hebben horens en kunnen loeien,
En toch zijn het geen koeien.

Een mooie illustratie van de sfeer van die eerste jaren: misschien niet de meest comfortabele repetitieruimte, maar wel een groep mensen die vastbesloten was om samen verder te gaan.

21 juni 1927: St. Caecilia is geboren

De wens om niet zomaar een groep muzikanten te zijn, maar officieel als harmonie erkend te worden, groeide. Meester Hiddink en mijnheer Prinsen namen het initiatief voor een oprichtingsvergadering.

Op 21 juni 1927 was het zover: een tweede harmonie in Best was een feit. De nieuwe vereniging kreeg de naam St. Caecilia, naar de patroonheilige van de muziek. Maar daarmee was het verhaal nog lang niet klaar.

Twee muziekgroepen in één dorp zorgden voor stevige discussies. In het kleine Best had iedereen er wel een mening over. De leden van St. Caecilia vonden bovendien dat zij dezelfde rechten moesten krijgen als De Eendracht. Eén probleem stond daarbij direct in de weg: ze mochten niet zomaar openbaar repeteren of optreden. Volgens de toenmalige politieverordening was openbaar musiceren zonder toestemming niet toegestaan.

De nieuwe harmonie vroeg daarom toestemming om te repeteren in café Leijtens. Wat een praktische vraag had kunnen zijn, groeide uit tot een kwestie die Best bijna twee jaar zou bezighouden.

Twee jaar strijd om te mogen spelen

Het bestuur kreeg te horen dat er een verzoekschrift bij de burgemeester moest worden ingediend. Dat verzoekschrift kwam er. Alleen: de toon was niet bepaald voorzichtig. De oprichters lieten burgemeester Dobbelaere weten dat ze zich tegengewerkt voelden en dat ze, als ze geen vergunning kregen, hun beklag zouden doen bij de commissaris van de Koningin. Dat was duidelijk taal. Misschien té duidelijk.

De burgemeester liet weten dat hij het verzoek had ontvangen en er zijn volle aandacht aan zou geven. Daarna bleef het vooral heel lang stil.

Achter de schermen gebeurde ondertussen genoeg. Een lid van de harmonie hoorde via de veldwachter dat de burgemeester helemaal niet van plan was de vergunning te verstrekken. Het bestuur hield woord en richtte zich tot de commissaris van de Koningin. Toen burgemeester Dobbelaere om uitleg werd gevraagd, werd de verhouding er bepaald niet beter op.

Op 12 november 1927 nam de burgemeester uiteindelijk een besluit: St. Caecilia kreeg geen vergunning voor openbare repetities en uitvoeringen. Een tweede harmonie in Best zou volgens hem in strijd zijn met het algemeen belang. Voor de muzikanten was dat geen reden om het erbij te laten zitten.

Ze stapten opnieuw naar de commissaris van de Koningin. Die begreep op zijn beurt niet waarom de burgemeester de tweede harmonie wilde tegenhouden. Er ontstond een stevige ruzie. Uiteindelijk moest Dobbelaere toegeven dat de commissaris gelijk had. Hij zou de vergunning verlenen, maar wilde daar zelf niet de verantwoordelijkheid voor dragen. Alleen... de vergunning kwam nog steeds niet.

De kwestie liep steeds hoger op. De burgemeester probeerde zijn gelijk te halen bij de minister van Binnenlandse Zaken. St. Caecilia zocht het zelfs hogerop en richtte zich tot de koningin. Dat leverde resultaat op.

Op 6 februari 1929 werd St. Caecilia bij Koninklijk Besluit als vereniging goedgekeurd.

Eindelijk: muziek maken

De strijd was daarmee eigenlijk nog niet helemaal voorbij. St. Caecilia wilde nog steeds een definitieve uitspraak over de hele kwestie. Maar op 1 oktober 1929 kwam er een onverwachte wending: burgemeester Dobbelaere nam ontslag. De volgende dag vroeg de harmonie opnieuw de benodigde vergunning aan. Dit keer ging het snel.

De vergunning werd vrijwel onmiddellijk verleend. Na bijna twee jaar strijd kon St. Caecilia zich eindelijk volledig richten op waar het allemaal om begonnen was: musiceren.

En misschien is dat wel het mooiste moment uit de vroege geschiedenis van onze vereniging. Niet de oprichtingsdatum, niet het Koninklijk Besluit, maar het moment waarop de muzikanten na al die jaren eindelijk gewoon hun instrument konden pakken en samen muziek konden maken.

Ook de verhouding met De Eendracht verbeterde nog datzelfde jaar. Beide harmonieën hadden hun eigen plek binnen Best gevonden.

Van twintig muzikanten in een schuur naar een veelzijdige vereniging

In de bijna honderd jaar die volgden, is St. Caecilia natuurlijk enorm veranderd. De vereniging die begon met een groep van ongeveer twintig muzikanten in een schuur, is inmiddels een veelzijdige muziekvereniging met verschillende orkesten en mogelijkheden voor muzikanten van verschillende leeftijden en niveaus.

Nieuwe muzikanten kunnen hun eerste stappen zetten in het Beginnersorkest en vervolgens doorgroeien naar het Klein Orkest en uiteindelijk het Groot Orkest. Daarnaast heeft St. Caecilia sinds 2009 een eigen Slagwerkgroep. Het Klein Orkest is in de loop der jaren bovendien flink gegroeid: waar het in 2006 nog een stuk kleiner was, is het inmiddels ongeveer twee keer zo groot.

Daarmee is de vereniging vandaag de dag veel meer dan alleen één harmonieorkest. Er is ruimte om te leren, om beter te worden, om op verschillende niveaus muziek te maken en vooral om samen muziek te beleven. Dat past eigenlijk perfect bij hoe het ooit begon.

Want vanaf het eerste moment draaide St. Caecilia om een groep mensen die samen verder wilde. Eerst in een schuur, later in steeds betere repetitieruimtes en uiteindelijk met meerdere orkesten en een brede muzikale opleiding.

Een verhaal dat nog steeds doorgaat

In 2027 bestaat Harmonie St. Caecilia 100 jaar. Een eeuw waarin generaties muzikanten hun steentje hebben bijgedragen aan de vereniging en aan het muzikale leven in Best.

Het is een geschiedenis met een paar stevige hobbels, de nodige humor en vooral heel veel muziek.

En misschien is dat wel de rode draad door al die jaren heen: als je samen muziek wilt maken, laat je je niet zomaar uit het veld slaan.

Dat was in 1927 zo.

En dat is het nog steeds.